De veiligheids- en justitie-experten uit de Kamer

Door Sophie De Wit op 6 oktober 2015, over deze onderwerpen: Justitie, NV-A

De Standaard vroeg aan de veiligheids- en justitiespecialisten in de Kamer, zowel in de meerderheid als de oppositie, hoe zij het veiligheids- en justitiebeleid van de regering-Michel evalueren.

 

Carina Van Cauter (Open VLD): ‘Continuïteit en ambitie’

Analyse

‘Koen Geens zorgt op justitie voor continuïteit en ambitie. Hij bouwt verder op de fundamenten van de justitiehervorming, gelegd door zijn voorganger Turtelboom. De eerste potpourri-wet ligt na 1 jaar in het parlement en bevat een aantal belangrijke punten uit ons programma. Ik denk aan het verlengen van de verjaringstermijn voor bepaalde misdaden en bijzonder ernstige feiten van verkrachting en aanranding. Op die manier voorkomen we tevens dat het onderzoek naar de Bende van Nijvel een stille dood sterft. Met genoegen stellen we vast dat de door ons voorgestelde methodes om tot een efficiënte en snelle rechtsbedeling te komen, door de Minister in zijn ontwerp werden opgenomen. Zo komt er een minder dure en efficiëntere procedure van invordering van onbetwiste geldschulden waardoor ondernemingen niet langer in moeilijkheden zouden mogen komen door slechte betalers.’

‘De positie van slachtoffers van seksueel misbruik werd andermaal versterkt. In een goede samenwerking met de collega’s was er ruimte om een wetgevend kader te creëren voor een verplichte HIV-test voor verdachten van verkrachting.’

‘Op vlak van veiligheid heeft de regering belangrijke maatregelen getroffen na Verviers. Er kwam onder meer een uitbreiding van de lijst van terroristische misdrijven, effectievere sancties evenals een verdere beperking van de toekenning en een uitbreiding van de vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit.’

Bedenking

‘In het veiligheidsdebat is het de taak van de politiek om het hoofd koel te houden. Dat wil zeggen: veiligheidsmaatregelen aanscherpen waar nodig, maar steeds proportioneel, zonder toe te geven op onze eigen fundamentele waarden en vrijheden. Het is bijvoorbeeld goed dat we de regering van haar plan hebben kunnen brengen om de politiek te laten beslissen over het dreigingsniveau. Net zoals het het Commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen is die op onafhankelijke wijze beoordeelt of iemand zich in de voorwaarden bevindt om erkend te worden als vluchteling, het statuut van subsidiaire bescherming krijgt, dan wel het land zal moeten verlaten. Het is aan de wetgever, om net zoals bij de nationaliteitswetgeving, rechten, plichten en voorwaarden volgens internationale verdragen en Europese richtlijnen verder om te zetten in duidelijk hanteerbare nationale regels.’

‘Daarnaast hebben de kosten voor de rechtzoekende de limieten van het haalbare bereikt en moet justitie sneller en efficiënter werken.’

Uitdaging

Voor onze partij is de hervorming van het erfrecht een belangrijk dossier dat dit jaar onder stoom moet komen. Onze congrestekst en eigen wetsvoorstel zullen daarbij de toetssteen zijn. We moeten af van de conservatieve kijk en de erflater meer keuzevrijheid geven. Daarbij aansluitend moeten onze wetten worden afgestemd op de vele samenlevingsvormen die onze maatschappij rijk is. Niet iedereen trouwt de dag van vandaag, maar wordt wel geconfronteerd met diverse problemen inzake eigendom, kinderen… De hervorming en modernisering van het strafrecht en de vereenvoudiging van de strafprocedure blijft eveneens een belangrijke werf. De kritische succesfactor voor een betere rechtsbedeling blijft evenwel de informatisering van justitie.’

‘Minister Jambon moet tot slot zijn nota over de kerntaken van de politie voorstellen aan het parlement. Het wetsvoorstel van collega Lahaye-Battheu is alvast een goede voorzet: welke - vaak administratieve - taken kan de politie afstoten, zodat ze zich kan focussen op haar échte werk?’

Sonja Becq (CD&V): ‘Vooral veel werk achter de schermen verricht’

Analyse

‘Bij de start van de legislatuur is minister Geens gekomen met een ambitieus Justitieplan dat als leidraad voor de komende jaren kan dienen. Deze langetermijnvisie was vernieuwend en maakt een echte breuklijn met voorganger Turtelboom. Geens wil eindelijk een doeltreffende justitie door een betere en meer efficiënte inzet van mensen. Deze voorstelling houdt ook risico’s in: op bepaalde punten werd het plan afgeschoten door verschillende actoren van justitie; Geens heeft zelf wel aangegeven dat er nog ruimte is voor correcties. Niettemin blijft het plan kan een ankerpunt waarnaar verwezen kan worden; niemand kan nog verrast zijn door de hervormingen die Geens nu ook stilaan wetgevend doorvoert.’

‘Minister Geens heeft vooral veel werk achter de schermen verricht; heel veel actoren gesproken en beluisterd. Dit wordt geapprecieerd, zelfs al gaat men niet met alles akkoord. Met de potpourriwet 1 , die zonet in de commissie is gestemd, komt er vanaf nu een trein van wetgevende hervormingen op gang.’

Bedenking

‘De regering-Michel werd vrij snel geconfronteerd met de strijd tegen de radicalisering. Minister Geens heeft daarin niet gedraald en zijn verantwoordelijkheid genomen: afnemen van de nationaliteit, misdrijf van het gaan strijden in het buitenland, actieplan radicalisering gevangenissen, aanwerving van extra personeelsleden voor Staatsveiligheid.’

Voor ons had hij nog verder mogen gaan in de strijd tegen radicalisering: de telefoontap in het kader van de wapenhandel (een wetsvoorstel dat ik ingediend heb) is noodzakelijk om de strijd tegen illegale wapenhandel te versterken. Ook zouden we graag een betere monitoring van de wapentrafiek zien door gegevensverzameling: eerst en vooral via de verdere uitbouw van de federale databank m.b.t. inbeslaggenomen vuurwapens die dan verbonden moet worden met het Centraal Wapenregister.’

Uitdaging

‘Op korte termijn verwachten we de volgende potpourri-ontwerpen. Op lange termijn voornamelijk de grote hervormingen rond strafrecht en strafprocesrecht, waarvan de grote krijtlijnen in de komende maanden zouden worden vastgelegd door de regering. We moeten ervan profiteren dat we zo een lange legislatuur hebben. Lukt het nu niet, dan lukt het wellicht nooit. Ook het masterplan 3 (gevangenissen) , dat bij de regering op tafel ligt, zal van groot belang zijn voor de toekomst van de strafuitvoering.’

‘Het ontwerp internering zit in de pipeline. Daar zijn we blij om. Het is een dossier dat ons altijd nauw aan het hart lag. Geens komt op korte termijn met een reparatiewet wat ons doet hopen dat het eindpunt in achtereenvolgende wetswijzigingen – die omwille van praktische onuitvoerbaarheid inet in werking konden treden – eindelijk bereikt is. Bovendien is de realisatie van langdurig forensische opvang van geinterneerden in Bierbeek, iets om naar uit te kijken in het voorjaar van 2016.’

‘Informatisering zal deze legislatuur heel belangrijk zijn; na jaren van nieuwe systemen en veel verspild geld hopen we dat er nu eindelijk concrete vooruitgang zal geboekt worden. De uitrol van verschillende projecten is bezig, de minister zal volgende maand naar het parlement komen om een stand van zaken te geven. We zijn hier zeer benieuwd naar.’

Franky Demon (CD&V): ‘Goed communicator, niet vies van andermans beleidsdomein’

Analyse

‘Minister Jambon heeft zich het voorbije jaar voornamelijk gemanifesteerd als vice-premier en niet zo zeer als minister van Binnenlandse Zaken. Hij is daarenboven een goed communicator die er niet vies van is ook op andermans beleidsdomein te komen. Minister van Justitie Geens zal dit zeker kunnen beamen.’

‘Als minister van Binnenlandse Zaken heeft hij tijdens dit eerste jaar zich vooral toegelegd op het uitvoeren van maatregelen die zijn voorgangster had klaargemaakt. Dit was onder andere het geval in de strijd tegen terreur en radicalisering. De omzendbrief hierrond bestond al, er zijn wel wat kleine wijzigingen aangebracht. Hij heeft dus enkel gewerkt met instrumenten die al bestonden. Het incident in Verviers toont ook aan dat er reeds heel wat wettelijke instrumenten bestaan om op te treden tegen radicalisme en terrorisme.’

‘Het wetsontwerp i.v.m. de uitbreiding van de tijdelijke intrekking van identiteitskaarten voor personen die naar Syrië of Irak willen afreizen om er te vechten, was wel een goede maatregel in de strijd tegen radicalisering.’

Bedenking

‘Maar toch heb ik ook het gevoel dat deze minister wil breken met het verleden maar misschien niet goed weet waar hij naartoe moet.’

‘Een aantal dossiers die hij geërfd heeft van zijn voorgangster laat hij dan liggen. Het dossier rond de camerawetgeving lag vorige legislatuur al klaar, maar toen was er daarover grote onenigheid tussen de meerderheidspartijen. Binnen deze meerderheid is dat niet het geval, en toch blijft het onafgewerkt. ’

‘Hetzelfde geldt voor de tuchtwet, het dossier is er maar het komt niet op de regeringstafel.’

‘De minister moet in deze dossiers toch kleur gaan bekennen. Hij heeft misschien goede redenen om zaken op de lange baan te schuiven, maar dan willen we ze wel kennen.’

‘Zo werden ook enkele maatregelen genomen die achteraf maar gedeeltelijk werden uitgevoerd. Onlangs nog kondigde de minister grootse grenscontroles aan om vluchtelingen af te schrikken. Vandaag blijkt dat slechts aan bepaalde grenzen gecontroleerd wordt en dat enkel overdag. Ook de factuurrekening van de militairen die werden ingezet om gebouwen te bewaken werd nog niet vereffend. Genomen beslissingen moeten grondig uitgevoerd en afgewerkt worden.’

Uitdaging

‘Voor de toekomst is het kerntakendebat van de politie een groot dossier dat voor heel wat veranderingen kan zorgen. De deadline hiervan werd telkens opgeschoven. Tegenwoordig geeft de minister zelfs geen einddatum meer. De vragen over de kerntaken, de gevolgen en de financiering ervan blijven voorlopig onbeantwoord. Zolang dit niet duidelijk is kan er geen nieuwe wet komen.’

Stefaan Van Hecke (Groen) over veiligheid: ‘Vaak het verlengstuk van Bart De Wever’

Analyse

‘Minister Jambon is de man die voor de N-VA de boodschap van orde en veiligheid moet belichamen in de regering-Michel. Hij is vaak het verlengstuk van de, door sommigen ‘echte eerste minister’ van het land genoemde Bart De Wever. In januari 2015, net na Verviers, eiste hij dat er ’s anderendaags militairen in de Antwerpse straten zouden staan en zijn ministers in de federale regering, met Jambon en Vandeput op kop, moesten hiervoor zorgen. De beslissing had een wankele (om niet te zeggen volstrekt geen) juridische grondslag. So What? De symboliek van de maatregel gaat boven de efficiëntie. De militairen stonden er ’s anderdaags in Antwerpen…’

Bedenking

‘Minister Jambon heeft wat tijd nodig gehad om zich in te werken. Zijn interesseveld en expertise lagen, toen hij parlementslid was, elders. Je merkt wel zijn parlementaire reflex. In de commissie, bij het beantwoorden van vragen, doet hij dat volledig en correct en met respect voor het parlement. Het mag gezegd. En hij luistert ook. Zo is het oorspronkelijke 12-puntenplan voor de strijd tegen het terrorisme nog bijgesteld op basis van de eerste bespreking in het parlement en de opmerkingen van de oppositie: het afnemen van de identiteitskaart moest fors worden bijgestuurd na een eerste kritische bespreking (er zou eerst een soort tweede identiteitskaart worden afgeleverd, maar die zou heel stigmatiserend zijn want herkenbaar voor iedereen) en de piste om de regering toe te laten om adviezen van de Ocad over de terreurdreiging bij te sturen en een hoger niveau in te stellen sneuvelde. Hier heeft het parlement zijn rol gespeeld en hebben de ministers geluisterd en bijgestuurd. Ook al blijft het totale pakket aan maatregelen vooral reactief en op veiligheid gefocust. En te weinig naar voorkoming en preventie.’

Uitdaging

‘De grote uitdaging wordt de opmaak van de ‘Kadernota integrale veiligheid’ en daaruit voortvloeiend, het nieuwe Nationaal Veiligheidsplan waarin prioriteiten moeten worden vastgelegd. De minister wil een kortere lijst. Daardoor zouden misdrijven als partnergeweld en internationale afvalzwendel kunnen sneuvelen. En dat heeft ook een impact op de organisatie van de federale politie in de zogenaamde ‘optimalisatie’-oefening die moet gebeuren. Zo werd eerst aangekondigd dat de Centrale Dienst voor de bestrijding van de georganiseerde economische en financiële delinquentie zou verdwijnen en de medewerker zouden worden verdeeld over het land. Dat zou een zwaar verlies van expertise betekenen en het verlies van het aanspreekpunt voor uitwisseling en contacten met andere landen. Daar zou nu op teruggekomen zijn na parlementaire vragen, gelukkig. Maar eenzelfde bedreiging bestaat voor de centrale dienst die instaat voor de aanpak van zware milieumisdrijven, bv internationale afvaltransporten, en die ondersteuning bieden aan alle politiediensten van het land. Ook deze nationale cel zou moeten verdwijnen wat een verlies van enorm veel expertise en contacten met buitenlandse diensten zou betekenen. En dan hebben we nog de dreiging van de privatisering van bepaalde politietaken, wat een ideologisch debat is.’

Stefaan Van Hecke (Groen) over justitie: ‘Justitie mag geen luxeproduct worden’

Analyse

'De besparingsdrift van deze regering is voor het eerst ook lineair doorgetrokken naar het departement justitie. De laatste jaren waren al veel vervangingen van magistraten en griffiepersoneel niet of heel laattijdig gebeurd, maar door de nieuwe besparingen werd de werkdruk in vele rechtbanken onhoudbaar. De gerechtelijke achterstand is daardoor opnieuw fors aan het groeien. Tezelfdertijd is de toegang tot justitie steeds maar moeilijker geworden. De regering wil de toegang tot pro-deo advocaten bemoeilijken door bv een remgeld in te voeren en het afgelopen jaar werden de griffierechten al fors verhoogd. Deze verhoging komt er na eerdere maatregelen zoals de invoering van de BTW op erelonen van advocaten en hogere rechtsplegingvergoedingen. Voor wie geen recht heeft op een pro deo advocaat en geen beroep kan doen op een rechtsbijstandsverzekeraar, wordt de toegang tot de rechtbank echt wel een grote drempel. En dat geldt vooral voor de zogenaamde ‘middenklasse’. Justitie mag geen luxeproduct worden.'

Bedenking

'De minister komt zeker heel beslagen op het ijs. Hij kent de juridische wereld goed en is een uitmuntend jurist. Een wereld van verschil met zijn voorgangster. Debatten in het parlement kunnen nu op niveau worden gevoerd en dat levert soms resultaat op. Zo is het oorspronkelijke 12-puntenplan voor de strijd tegen het terrorisme nog bijgesteld op basis van de eerste bespreking in het parlement en de opmerkingen van de oppositie: het afnemen van de Belgische nationaliteit voor wie in België is geboren, was juridisch onmogelijk; de piste van de hervorming van de huurlingenwet om Syriëstrijders tegen te houden werd verlaten, evenals de piste om de regering toe te laten om adviezen van de OCAD over de terreurdreiging bij te sturen en een hoger niveau in te stellen. Hier heeft het parlement zijn rol gespeeld en hebben de ministers geluisterd en bijgestuurd. De eerste hervormingen van justitie via de Potpourri I–wet worden voorgesteld als het efficiënter maken van de werking van justitie maar zijn enkel bedoeld om de zware besparingen te vertalen naar het terrein: meer vonnissen met minder rechters, minder kamers van drie rechter, minder adviezen van het Openbaar ministerie en minder beroepsmogelijkheden. Quick wins op korte termijn, maar op langere termijn zal dit contraproductief zijn door meer disparate rechtspraak, meer hogere beroepen, vermindering van de kwaliteit,…'

Uitdaging

‘Bij zijn aantreden gaf de minister blijk van grote luisterbereidheid en nodigde de magistraten ook uit om concrete ideeën aan te leveren om justitie sneller en beter te laten werken en slimme besparingen te realiseren. Maar helaas zien we de laatste weken, bv bij de behandeling van de eerste zogenaamde Potpourri-wet, dat geen letter kon worden gewijzigd aan de teksten. Vele suggesties voor verbeteringen botsten op een muur. Na lang aandringen zijn dan toch nog wat komma’s gewijzigd. Het wetsontwerp leek op een geklasseerd monument nog voor het was gestemd. Dit leidt tot grote ontevredenheid en frustratie bij vele actoren van justitie die veel tijd en energie hebben gestoken in de analyse van de teksten en de hoorzittingen in het parlement. Dat de meerderheid uiteindelijk beslist over de grote hervormingen is evident. Maar constructieve voorstellen om teksten te verbeteren, afblokken is niet slim. Dat dreigt de goodwill die er oorspronkelijk was op het terrein om samen met de minister hervormingen door te voeren, snel doen smelten.’

Hans Bonte (SP.A): ‘Een van de sterkhouders van de federale regering’

Analyse

‘Minister Jambon is overduidelijk één van de sterkhouders van de federale regering. Het feit dat hij zelf burgemeester was zorgt ervoor dat hij het werkveld goed kent en bijgevolg snel politiek gerodeerd is. Het valt mij op dat hij één jaar na de start er in is geslaagd zijn extreem nationalistisch imago in te ruilen voor een zeer Belgische opstelling. Hij communiceert uitermate intelligent: bij elke veiligheidscrisis worden pijlsnel nieuwe maatregelen aangekondigd.’

Bedenking

‘De invulling van de maatregelen laat echter doorgaans lang op zich wachten. Grote uitzondering hierop was ongetwijfeld de snelheid waarmee de Minister van Binnenlandse Zaken het dictaat van de burgemeester van Antwerpen, Bart De Wever, inwilligde om op een paar dagen tijd de inzet van het leger mogelijk te maken in bewakingsopdrachten in de straten van de Scheldestad. Daarmee werd pijnlijk duidelijk dat de partijpolitieke agenda primeerde boven het echte veiligheidsbeleid.’

‘Minister Jambon staat symbool voor de centrum-rechtse veiligheidskoers van de regering waarbij zo goed als elk veiligheidsprobleem wordt vertaald in de versterking van de veiligheidskorpsen. De recente belofte om binnenkort ook de hulpagenten te bewapenen past in deze filosofie. De regering (en de minister) miskent in belangrijke mate het grote belang van preventiediensten en community-policing; de schaarse middelen gaan veel gemakkelijker naar de verhoging van de effectieven bij federale politie, staatsveiligheid, het inzetten van para’s of het voorzien van extra bewapening. De budgettaire krapte zorgt er echter voor dat de beloftes niet altijd worden waargemaakt. Een voorbeeld hiervan zijn de stoere verklaringen in verband met de opvoering van grenscontroles teneinde de vluchtelingencrisis te beheersen; in de praktijk bleek echter dat op een beperkt aantal plaatsten in het land tijdens de kantooruren iets meer controles werden uitgevoerd.’

Uitdaging

‘De minister bleek wel bijzonder doortastend op het vlak van het anti-terrorisme en antiradicalismebeleid. Er werden begin dit jaar 12 maatregelen naar voor geschoven die stuk voor stuk worden uitgevoerd. Op de invulling van de belangrijkste maatregel – het ondersteunen van de lokale besturen en politiezones die het radicalisme moeten tegengaan en indijken – blijft het evenwel nog even wachten. Van de grootste verandering die we op dit vlak nodig hebben – de opkuis van de bestuurlijke chaos van onze hoofdstad, waarbij het beleid versnipperd ligt tussen 19 burgemeesters en zes politiezones - valt echter geen spoor terug te vinden. Het is nochtans zonneklaar dat deze situatie er toe leidt dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een ideale biotoop is voor potentiele terroristen. Een hedendaagse, transparante bestuurlijke en politionele organisatie van Brussel gekoppeld aan een systematische war on weapons is essentieel voor ons nationaal veiligheidsbeleid. Tot op vandaag heeft de minister zich echter probleemloos neergelegd bij het franstalig veto tegen een dergelijke binnenlandse hervorming.’

Laurette Onkelinx (PS): ‘Hoe kan justitie beter werken met substantieel minder middelen?’

Analyse

‘Het fundamentele probleem, namelijk de budgettaire wurggreep waarin de regering het departement Justitie neemt, ligt aan de basis van de weinige initiatieven waarmee de minister al in het parlement is gekomen. Zo is er bijvoorbeeld de hervorming geweest van de griffierechten, die ertoe leidt dat al wie niet in aanmerking komt voor rechtsbijstand (het vroegere pro deo-systeem) in vele gevallen veel meer zal moeten betalen om naar het gerecht te stappen. Deze hervorming heeft tot doel om geld in de staatskas te brengen, maar belemmert dus de toegang tot het gerecht van de burger. De opbrengst van deze hervorming wordt paradoxaal genoeg niet gebruikt om het noodlijdende systeem van de rechtsbijstand te financieren, zodat de toegang tot het gerecht van de allerzwaksten in de samenleving nog verder wordt bemoeilijkt. ’

‘Hoe kan justitie beter gaan werken met substantieel minder middelen? Op vier jaar tijd, wil de regering het budget van de rechterlijke macht inperken met 10 procent. En dit terwijl Justitie nu al te kampen heeft nu al zo moeilijk heeft om facturen te betalen, haar gebouwen en uitrusting in zeer belabberde staat verkeren en het systeem van rechtsbijstand in crisis zit. De eerste voorzitter van het Hof van Cassatie verwoordde het onlangs zo: deze regering is bezig aan een rampzalig droogleggingsbeleid en ontmantelt zo justitie.’

Bedenking

‘De regering blinkt uit in communicatie, maar blijft steken in de uitvoering van haar aankondigingen. Bijvoorbeeld : in de nasleep van de aanslagen in Parijs in januari werden 12 terrorismemaatregelen aangekondigd (waarmee wij het trouwens vaak niet eens waren) en die 'onmiddellijk of op korte termijn' van kracht zouden worden. De hyperdringende teksten zouden half februari in het parlement worden voorgelegd. We hebben uiteindelijk moeten wachten tot juni… Hetzelfde zien we met betrekking tot de hervormingen van justitie. Een jaar na het aantreden van de regering, behandelt het parlement momenteel het eerste van een reeks van 4 aangekondigde „pot pourri”-wetsontwerpen. ’

‘De regering zegt een efficiëntere en beter en sneller werkende justitie te willen zonder daarbij te raken aan de kwaliteit van het gerecht en de rechten van de partijen. Een beperkt aantal punten in het wetsontwerp draagt hier inderdaad toe bij en steunen wij dus. Maar toch zien we vooral maatregelen zonder visie, die het gevolg zijn van een blinde besparingsmodus en die er dus niet toe leiden dat justitie er beter van wordt. Erger nog, sommige maatregelen zetten fundamentele rechten en waarborgen op de helling. Van op het terrein kwam op dit wetsontwerp dan ook zeer veel kritiek, ondermeer tijdens hoorzittingen in het parlement. Daarop werd een hele reeks amendementen ingediend. De meerderheid heeft al deze amendementen verworpen, op 1 uitzondering na. Zelfs de puur technische verbeteringen van de teksten, werden zonder meer verworpen. Gevolg: bepaalde eminente deskundigen hebben aangegeven in de toekomst het parlementaire werk te zullen boycotten, aangezien er met hun input geen rekening wordt gehouden.’

Uitdaging

‘Wat de toekomst betreft, kunnen wij enkel hopen dat minister Geens zijn collega’s zal kunnen overtuigen het roer om te gooien en justitie te voorzien van de broodnodige budgettaire investeringen. ’

Sophie De Wit (N-VA): ‘Mensen op het terrein blijven betrekken’

Analyse

Justitie is al lang een zorgenkind: gerechtelijke achterstand, niet-betaalde facturen, overvolle gevangenissen, een soms manke strafuitvoering, uitblijven van de informatisering… Er ligt dus veel werk op de plank. Het regeerakkoord is dan ook terecht ambitieus. De ambitie van deze meerderheid is om eindelijk eens werk te maken van een grondige en diepgaande hervorming in plaats van hier en daar wat te sleutelen zoals in het verleden maar al te vaak gebeurde. Voor de N-VA is die grondige aanpak bijzonder essentieel. De minister verraste vriend en vijand in maart 2015 met zijn justitieplan, met daarin de aankondiging van deze grotere hervormingen maar meteen ook van een aantal quick wins om de gerechtelijke achterstand aan te pakken en justitie terug te brengen naar zijn kerntaken.

Die wil hij verwezenlijken via zijn zogenaamde pot-pourri-wetsontwerpen (over burgerlijk procesrecht, straf(proces)recht en de gerechtsgebouwen/gevangenissen), die hij zo snel mogelijk aan het parlement wilde voorleggen. Sedert het justitieplan werd dan ook niet stilgezeten. Het eerste pot-pourri-wetsontwerp werd reeds in de commissie justitie goedgekeurd, met een aanpassing van de verstekprocedure, beperking hoger beroep, snellere invordering onbetwiste schuldvorderingen, beperking van de nietigheden... om zo tot minder maar wel efficiëntere procedures te komen. Het tweede potpourri-wetsontwerp (met talrijke ingrepen in de strafprocedure) zal eerstdaags op de ministerraad worden voorgelegd. Daarnaast kondigde hij ook nog voor het einde van het jaar wetsontwerpen aan over de informatisering en de hervorming van de tweedelijnsbijstand, zaken waar de N-VA reeds lang om verzoekt.

Bedenking

Justitie komt vaak negatief in beeld. Snel werken is dan ook nodig. Maar snelheid mag niet de bovenhand krijgen op grondigheid. Verandering en vooruitgang zijn speerpunten voor N-VA. We willen dus wetten die werkbaar zijn in de praktijk en die effectief voor verbetering zorgen. Een echte verbetering krijg je soms alleen via een grondige aanpak.

Bij de onderhandelingen had deze regering ook al op een grote en diepgaande hervorming bij justitie ingezet. De quick wins zijn alvast een goede zaak, maar daar mag het niet bij blijven. De vrees bestaat dat de hoognodige grondige hervorming op de langere baan wordt geschoven. N-VA wil erover waken dat dit niet gebeurt. Na de pot-pourri-wetten mag de hervorming niet stilvallen. Tenslotte worden in de quick wins en snelle procedurele aanpassingen al heel wat voorafnames gedaan op die grotere hervormingen. Er worden al wegen ingegaan nog voor de aangekondigde hervormingscommissies goed en wel van start zijn gegaan. We zullen dit met aandacht opvolgen.

Uitdaging

Het justitieplan heeft de verdienste dat eindelijk eens nagedacht werd over het globale justitieverhaal en wat er nodig is om justitie eindelijk die 21ste eeuw binnen te loodsen. De eerste ontwerpen zijn nu een eerste aanzet. Hierbij mag het niet blijven. Tegelijk moeten ook de fundamentele hervormingen op de rails gezet worden en moet die informatisering nu echt dringend volgen. Zaak is dan ook om nu voort te doen op dit elan en hierin ook het terrein mee te krijgen. Zij zijn immers de actoren die alles in praktijk moeten omzetten. Dus hen blijven betrekken bij de plannen, is nodig. Dit mag de minister echt niet uit het oog verliezen.

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is